Voorbeelden: IER

Voorbeeld 1

Voorbeeld 1 van welke schildelen wel en niet meetellen in de 75%-regel

De gekleurde vlakken zijn verliesoppervlakken in contact met de buitenomgeving. Ze werden na-geïsoleerd of nieuw gebouwd.

Dit is een IER als de gekleurde verliesoppervlakken die werden na-geïsoleerd of nieuw gebouwd zijn, 75 % bedragen van de oppervlakte bepaald door de som van de totale gekleurde verliesoppervlakken én de wit gebleven oppervlakte van de raam en deuropeningen die niet vervangen werden.

Voorbeeld 2

Voorbeeld 2 van welke schildelen wel en niet meetellen in de 75%-regel

Ook wanneer de zoldervloer geïsoleerd wordt en de zolderruimte onder het hellend dak een AOR blijft, is dit een IER. Er wordt nog steeds 75% van de verliesoppervlakte in contact met de buitenomgeving na-geïsoleerd of nieuw gebouwd.

Voorbeeld 3

Voorbeeld 3 van welke schildelen wel en niet meetellen in de 75%-regelWanneer de zoldervloer geïsoleerd wordt en de zolderruimte een AOR blijft en de wachtgevel een spouwmuur is met een nagevulde spouw van 3 cm, is dit geen IER meer. Het percentage van de gekleurde vlakken (exclusief het donkere vlak van de wachtgevel die niet beschouwd wordt als een na-geïsoleerde gevel) bedraagt de na-geïsoleerde of nieuw gebouwde verliesoppervlakte in contact met de buitenomgeving geen 75% meer van alle verliesoppervlakken in contact met de buitenomgeving.

Voorbeeld 4

Voorbeeld 4 van welke schildelen wel en niet meetellen in de 75%-regel

Wanneer het dak en de muurdelen (aan de binnenzijde) van de in gebruik genomen zolder na-geïsoleerd worden, maar de gevels worden niet na-geïsoleerd, dan is dit voor dit specifiek geval ook geen IER. De na-geïsoleerde en nieuw gebouwde verliesoppervlakken in contact met buitenomgeving bedragen immers minder dan 75 % van de totale verliesoppervlakken in contact met buitenomgeving.

Geldig voor aanvragen vanaf 2015