Voor welke gebouwen geldt de renovatieverplichting?

De renovatieverplichting geldt voor elke niet-residentiële gebouweenheid die u vanaf 1 januari 2022 ‘verwerft’:

  • bij een notariële overdracht in volle eigendom (zoals een aankoop),
  • en bij het vestigen van een opstalrecht of erfpacht op alle gebouweenheden met een niet-residentiële bestemming

Meer specifiek gaat de verplichting in voor authentieke aktes voor verkoop, erfpacht of opstalrecht die vanaf 1 januari 2022 verleden worden. Dat zijn immers sleutelmomenten waarbij de nieuwe eigenaar of gebruiker investeringen doet en optimaal kan inzetten op een toekomstgerichte renovatie. 

Om te weten of de gebouweenheid onder het toepassingsgebied valt, kijkt u naar de feitelijke toestand. Dit wil zeggen dat de invulling van het gebouw/gebouweenheid op het moment van het verlijden van de akte bepalend is. Hoe men de gebouweenheid zal gebruiken of welke functie die zal krijgen na verkoop, speelt geen rol. 

Merk op: de renovatieverplichting geldt voor een gebouweenheid, dus niet louter voor een gebouw. Een gebouweenheid die u verwerft (via aankoop, schenking…) en die deel uitmaakt van een gebouw dat als geheel niet wordt verkocht, moet ook aan de renovatieverplichting voldoen (toch voor die schildelen en installaties die deel uitmaken van de gebouweenheid). Meer daarover vindt u in de veelgestelde vragen.

Uitzonderingen

Als uitzondering op de regel moet een niet-residentiële gebouweenheid niet aan de renovatieverplichting voldoen als de eenheid deel uitmaakt van een gebouw dat binnen de vijf jaar na het verwerven wordt gesloopt.

Regelgeving

Energiebesluit:

  • Toepassingsgebied: art. 9.3.1
  • Uitzonderingen: art. 9.3.2
  • Definitie gebouweenheid: art.1.1.3, 44°/1